Opzet practoraat Duurzaam werken met hout

Vanuit de RIF ‘Boost de houttechniek’ start in 2026 een practoraat met focus op het werkveld: duurzame samenwerking tus-sen onderwijs en de (regionale) houttechnieksector vergroot de innovatiecapaciteit van en duurzaam materiaalgebruik in de sector. Daarmee werkt het practoraat aan duurzaamheidsvraagstukken als het gaat om hout, onderzoekt het mogelijkheden om de sector te ontwikkelen en speelt het een rol in het creëren van actueel en innovatief onderwijs voor de houtsector. De practor stimuleert daarnaast professionalisering van docenten op vakinhoud en vakbeleving. In co-creatie lossen studenten, docenten en bedrijven, bijvoorbeeld als onderdeel van een specifieke onderwijsperiode, wicked problems op door in praktijk-labs of bij bedrijven te experimenteren met duurzame materialen en hergebruik van materialen te stimuleren (BIM, modulair en demontabel bouwen testen van verschillende materialen, levensduren, hergebruik restmaterialen). De zichtbaarheid stijgt, de samenwerking wordt intensiever en het practoraat denkt mee over innovatieve en duurzame oplossingen voor de houtsector. Dit kan het imago van de sector houttechniek veranderen en het aantal studenten stimuleren, wat aansluit bij de ambities vanuit de RIF om kennis en actuele ontwikkelingen rondom duurzame bedrijfsvoering en integratie van duurzaam-heid een plek te geven in het (landelijke) houttechniekonderwijs.

Het practoraat begint klein en specifiek gericht op de houttechniek, maar ontwikkelt zich breder in de houtsector met meer slagkracht en mogelijkheden om zich in de ideale situatie geheel zelf te financieren. Daarom zoeken we een practor met een ondernemende houding, een stevige basis in de sector en de capaciteiten om het onderwijs en de vakdocenten vanuit de inhoud te professionaliseren. Dat zorgt voor wendbaar houtonderwijs dat beter aansluit op het werkveld. In de onderzoeken van het practoraat wordt verbinding gezocht tussen onderwijs en werkveld, maar liggen ook mogelijkheden voor samenwer-king met andere practoraten, lectoraten, brancheverenigingen, regionale opleidingsbedrijven en andere mbo-instellingen.
Het practoraat doet onderzoek om de volgende doelen te bereiken:

  • Co-creatie: studenten en docenten ontwikkelen samen met het werkveld duurzame oplossingen op het gebied van materiaalgebruik, die bijdragen aan de toekomst van de houttechnieksector en houtbouw.
  • Innovatief leren: studenten ontwikkelen zich tot ondernemende, onderzoekende vakmensen die bijdragen aan innovatie in de sector houttechniek.
  • Onderwijsinnovatie: er wordt ingezet op professionalisering van docenten en zij worden gestimuleerd om innovatief onderwijs te ontwikkelen en als verbinder te fungeren tussen curriculum, onderzoek en werkveld.
  • Sectorontwikkeling: de zichtbaarheid, aantrekkelijkheid en innovatiekracht van de houttechnieksector vergroten door duurzame en innovatieve toepassingen van hout centraal te stellen.

Het practoraat wordt gepositioneerd binnen de afdeling onderwijs en innovatie van het Hout- en meubileringscollege, wat mogelijkheden biedt voor bredere samenwerking in de houtsector. De practor is verantwoordelijk voor aansturing van het team en de ontwikkeling, toepassing en verspreiding van kennis, zowel intern als extern. De practor zoekt innovaties en vraagstukken uit de (regionale) houtsector en verbindt deze met de opleidingen. Het onderzoek op basis van praktijkvragen zorgt voor een interessante (leer-)context en versnelde doorstroom van kennis, in de klas, binnen het curriculum en naar het werkveld.

De practor is direct gekoppeld aan de houttechniek om specifiek onderzoek te doen in de houtsector en de verbinding te leggen tussen actualiteit in de sector, duurzaamheid, vakmanschap en pedagogisch-didactisch handelen. De practor moet dus niet alleen inhoudelijke kennis hebben van actuele ontwikkelingen in de sector en de taal van het werkveld spreken, maar ook didactisch en onderwijskundig sterk zijn. Daarnaast moet de practor ondernemend zijn, verbindingen kunnen leggen met bedrijven en kansen vinden voor cofinanciering. Dit past bij het landelijk opgestelde beroepsbeeld van de practor1, waarin acht mogelijke rollen worden beschreven: verbinder, innovator, deskundige, praktijk(gerichte) onderzoeker, strateeg, onderzoeksbegeleider, coördinator en communicator.

Lees de vacature op de website van het HMC: vacature Practor ‘duurzaam werken met hout’

1 SARA ALBONE, NIEK VAN DEN BERG, ILYA ZITTER (2025) Beroepsbeeld van en voor practoren

Colette van den Adel| 18 maart 2026