De NBVT, SSWT en EHS-services hielden op donderdag 22 januari 2026 de landelijke Arbodag 2026 in Harderwijk. Dit inmiddels jaarlijkse evenement richt zich op veilig en gezond werken in de timmerindustrie. Meer dan honderd deelnemers kwamen af op een gevarieerd programma met belangrijke onderwerpen als houtstof, machineveiligheid, ATEX, Stoffenmanager en Toolbox-bijeenkomsten. Lars Van Rode kreeg de zaal stil met zijn indrukwekkende verhaal over de impact van zijn bedrijfsongeval en hoe om te gaan met veiligheidsincident binnen een bedrijf.
Tekst en fotografie: Kees de Vries
Preventiemedewerkers, HR-functionarissen, bedrijfsleiders en veiligheidscoördinatoren in de houttechniek/bouw kwamen in groten getale af op de Arbodag 2026 in Congrescentrum Bouw & Infra in Harderwijk op het voormalige WGF-kazerneterrein. Organisatoren NBVT, SSWT en EHS-services ontwikkelden een uitgebreid programma waarin kennisontwikkeling en kennisoverdracht op belangrijke arbo-onderwerpen centraal stond.
Rondetafel

In de ochtend werden onder leiding van experts rondetafelsessies gehouden. Erwin Heijnsbroek en veiligheidsdeskundige Barbara Kamphuis (beiden EHS-services) praatten deelnemers bij over machineveiligheid, maar ook over inbedding van het veiligheidsbeleid in de onderneming. Want de machine kan wel veilig zijn, maar alles staat of valt met het veiligheidsbewustzijn van de mens en de werkmethodes. Dat vergt inzicht, herhaalde inzet en scholing. “Een goed veiligheidsbeleid dat zich richt op de 3M’s (mens – methode – machine) is onmisbaar om het bedrijf te versterken en de veiligheid te stimuleren. Voer een grondige RI&E uit, zorg voor de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM), en maak medewerkers medeverantwoordelijk door veilig gedrag te belonen en incidenten bespreekbaar te maken zonder straf”, aldus Heijnsbroek. 2025 stond bij zijn onderneming in het teken van opleiden, zo vertelde bedrijfsleider Bert van Monsjou van fabrikant van golfkarton verpakkingen Cordupack. Alle operators volgden onder andere de machine- en de experttraining, de ins en outs van vlakstansen en het veilig werken met de heftruck. “Geen werkgever mag accepteren dat een werknemer zijn veiligheidsmiddelen niet voor hemzelf en zijn collega’s gebruikt. Er moet een sfeer worden gecreëerd, waarin het goede voorbeeld tot norm wordt verheven”, aldus Van Monsjou. “Veiligheid op het werk stimuleer je door een actieve veiligheidscultuur te creëren met zichtbaar toezicht, duidelijke instructies en open communicatie met elkaar.” De rondetafel leidde tot een levendige discussie tussen de deelnemers, waarbij een blik in elkaars keuken werd gegund.
Escaperoom

Het ochtendprogramma bood op een speelse manier ook de mogelijkheid elkaar beter te leren kennen. In een naast het congrescentrum opgestelde mobiele escaperoom gingen telkens maximaal zes deelnemers door overleg en inzicht aan de slag om op een veilige manier een ‘bom’ onschadelijk te maken. Alle groepen kregen achteraf een briefing over de veiligheidsaspecten waar men in de escaperoom mee geconfronteerd was en waar men al dan niet goed op had gelet. Dit was voor veel groepjes een eyeopener. Maker en bedenker van de mobiele escaperoom voor awareness-training Frank Kastelein zat op de achtergrond achter de knoppen.
Houtstof

Het middagprogramma, voortvarend afgetrapt en geleid door dagvoorzitter Rens Merkelbach, viel uiteen in een plenair gedeelte en een viertal workshops. Business Development Manager van TNO Jody Schinkel sprak over de gevaren van houtstof op de werkvloer. Houtstof, asbest, kwartsstof, diesel en lasrook kunnen bij werknemers rond de pensioengerechtigde leeftijd tot (long)ziektes leiden. Schinkel’s onderzoek richt zich op de vraag: “Wat is er nodig om te zorgen dat deze vakmensen in gezondheid van hun pensioen kunnen genieten.” Dat blijkt toch vooral de hoogte en de duur van de blootstelling aan te pakken.
Voor kankerverwekkende stoffen wordt door de overheid een grenswaarde vastgesteld. Voor houtstof is dit momenteel 2 mg/m3 gemiddeld bij een blootstelling van 8 uur. De Gezondheidsraad buigt zich echter over aanpassing van deze norm naar een advieswaarde van 0,1 mg/m3. Ook wil de raad af van het huidige onderscheid dat voor hardhout strengere waardes gelden dan voor naaldhout. Dit conceptadvies leidde in de zaal tot veel beroering. Het advies ligt tot 2 maart 2026 ter kritiek. Of de wetgever het voorstel overneemt ligt in de tijd besloten, maar het geeft wel denkrichting aan over verbreding en verdere verlaging van de grenswaarde voor houtstof. Schinkel ziet veel in de inzet van sensors over houtstof. “Op die manier kom je de bronnen en de foute werkmethodes die houtstof genereren op het spoor en kun je dit aanpakken.”
Stoffenmanager

Veilig werken met gevaarlijke stoffen was het onderwerp van de presentaties van Ryan van der Kuijp en Leonie de Jong van Stoffenmanager voor veilig en gezond werken met gevaarlijke stoffen, óók voor CMR(S)-stoffen. De softwareoplossing Stoffenmanager helpt het grootbedrijf en het mkb om een veilig en effectief stoffenbeleid op te zetten en te voldoen aan de Arbowet, volgens de vier stappen van de Arbeidsinspectie.
Workshops

In de daaropvolgende vier parallel workshops sprak Henk Baas (EHS-services) over ATEX en belichtten Jelte Belshof (EHS) en Arjan Asbreuk (Hebo) de procedure van het melden en onderzoek van een arbeidsongeval. Ook het opzetten en uitvoeren van de Toolboxbijeenkomsten over veiligheidsonderwerpen en de Stoffenmanager kregen een eigen workshop. In alle presentaties kwam de zorgplicht van de werkgever voor zijn medewerkers en de eigen verantwoordelijkheid van de werknemers terug. De werkgever is verantwoordelijk en aansprakelijk voor een veilige werkomgeving, het verstrekken van beschermende kleding en beschermingsmiddelen, veilige materialen, machines en hulpmiddelen en het geven van duidelijke instructie. Ook controle en onderhoud van machines, het checken en stimuleren dat het personeel de veiligheidsinstructies opvolgt en het bespreken en waarschuwen voor gevaarlijke situaties.
Impact

Afsluitend spreker Lars Van Rode maakte veel indruk met zijn gedetailleerd verslag van het bedrijfsongeval met een vorkheftruck waarbij hij in 2004 een onderbeen verloor. Niet alleen zijn leven veranderde totaal, maar had ook grote impact op collega’s en naasten. “Werken aan veiligheid is praten over veiligheid en elkaar erop aanspreken. Niemand vertrekt van huis met de gedachte dat hij ‘s avonds niet meer thuiskomt. Bij een arbeidsongeval zijn alle collega’s slachtoffer. Veilig werken moet daarom niet alleen topdown worden georganiseerd, maar gebruik ook de kennis van het personeel voor betere ideeën en het creëren van een breder draagvlak. De echte risico’s bevinden zich op de werkvloer. Wat is tenslotte de kostprijs van veiligheid? Bedrijven die zo min mogelijk investeren in veiligheid worden relatief vaak geconfronteerd met incidenten, ziekte en noodzakelijke reparaties voor oplevering. Een goede veiligheid is niets meer dan het smeermiddel om als onderneming op een winstgevende manier te kunnen blijven doen wat je doet.”